Diabetes

In Nederland hebben ruim 1 miljoen mensen diabetes, van wie 20% (nog) niet weet dat ze het heeft. Elke week komen daar 1000 mensen bij! Het is daarmee de meest voorkomende chronische ziekte in Nederland. De meeste mensen (zo’n 90%) hebben diabetes type 2. Dit type wordt ook wel ouderdomsdiabetes genoemd omdat het vroeger vrijwel alleen op oudere leeftijd voorkwam als gevolg van een versleten alvleesklier. De laatste decennia neemt het aantal mensen dat op jongere leeftijd (zelfs kinderen) diabetes 2 krijgt, schrikbarend toe.
Diabetes wordt ook wel suikerziekte genoemd. Diabeten hebben te veel suikers in hun bloed. Eén van de factoren voor het ontstaan van diabetes is de hoge consumptie van suikers en snelle koolhydraten. Elke keer als we een maaltijd met koolhydraten eten, stijgt de hoeveelheid bloedsuiker (glucose) in de bloedsomloop. De alvleesklier krijgt dan een seintje om het hormoon insuline te produceren en af te geven aan het bloed. De insuline zorgt ervoor dat de glucose kan worden opgenomen in de cellen. Je kunt het hormoon insuline vergelijken met een pakketbezorger die een pakketje met glucose komt afleveren bij de cellen. Wanneer de deur van de cel wordt geopend, kan het pakketje glucose worden afgeleverd en worden gebruikt als energiebron of worden opgeslagen voor later gebruik. Als de pakketjes worden bezorgd en aangenomen, zal de hoeveelheid glucose in het bloed (de bloedsuikerspiegel) dalen. En dat is belangrijk want te veel glucose in het bloed kan schade toebrengen aan ons lichaam.

Insulineresistentie
Door verschillende redenen kan het gebeuren dat de cellen niet meer reageren op de insuline zoals ze zouden moeten doen. We spreken dan van insulineresistentie. Eén van de oorzaken van insulineresistentie is de overconsumptie van suikers en snelle koolhydraten in combinatie met te weinig bewegen. Wanneer er sprake is van insulineresistentie blijft de deur van de cel gesloten en wordt het pakketje glucose niet aangenomen. Hierdoor blijft de bloedsuikerspiegel hoog en zal de alvleesklier dus meer insuline gaan aanmaken om zo de cellen te helpen de glucose alsnog op te nemen. Het gevolg is echter dat de cellen nog meer insulineresistent worden en nog minder glucose opnemen. En zo is de cirkel rond. Uiteindelijk raakt de alvleesklier uitgeput en kan niet meer voldoende insuline produceren. De bloedsuikerspiegel blijft voortdurend hoog en wanneer deze een bepaalde drempel heeft bereikt, spreken we van diabetes type 2.

Vergroten van insulinegevoeligheid
Bij diabetes type 2 wordt vaak extra insuline toegediend om de cellen meer glucose te laten opnemen. Beter is het echter om ervoor te zorgen dat de cellen weer gevoeliger worden voor de insuline. Dit doe je vooral door het aanpassen van je voedings-en leefstijl: het eten van minder koolhydraten, gewicht verliezen en meer sporten of bewegen, want fysieke activiteit verhoogt namelijk de insulinegevoeligheid.

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *